SRK Winterartikelen

  • Bij gladheid: blijf op de fiets!

    TNT Post hoeft zich niet te verzekeren voor het risico van uitglijden van zijn postbezorgers. Dat blijkt uit een uitspraak van de Hoge Raad.

    Een postbezorgster gleed bij het bezorgen van post bij een oprit van een woning uit op bevroren sneeuw. Ze brak daarbij een enkel en stelde TNT Post aansprakelijk.

    Volgens de Hoge Raad gaat het om een eenzijdig voetgangersongeval en valt struikelen of uitglijden niet onder de bijzondere risico's voor het wegverkeer. Een werkgever hoeft zich daarvoor daarom niet te verzekeren, aldus de Hoge Raad.
     
    Ook op de homepage van rechtspraak.nl staat het arrest vermeld als nieuws en met een persbericht. De zaak is op dit punt helaas verloren. Wel is na terugverwijzing naar de kantonrechter een 'herziening' op basis van een verzuim in de zorgplicht zijdens de werkgever nog wel mogelijk. Dus definitief is de zaak nog niet verloren.
     
    Bijgaande foto maakt direct duidelijk hoe curieus de uitspraak feitelijk is. Op het moment dat de postbode op de fiets zit en uitglijdt, draagt zijn werkgever wel de verantwoordelijkheid voor een behoorlijke verzekeringsplicht; zodra hij afstapt en uitglijdt niet meer..... Het devies aan postbodes: Bij gladheid, blijf op de fiets!

    TNT-winter

  • Verplicht stoep sneeuwvrij maken

    Vroeger waren burgers verplicht om hun inrit en stoep sneeuwvrij te maken. De afgelopen jaren is die bepaling uit de meeste Algemene Plaatselijke Verordeningen (APV’s) verdwenen, omdat hij niet te handhaven bleek. Bovendien zou de verplichting om de eigen oprit sneeuwvrij te houden ‘verplichte arbeid’ zijn en daarmee in strijd met het internationaal recht.
    Andere gladheidsbepalingen zijn veelal wel blijven bestaan, zoals het verbod om bij strenge vorst je auto te wassen of water de weg op te laten lopen.
    In de huidige situatie is de burger dus meestal niet aansprakelijk als iemand voor zijn deur door gladheid ten val komt en letsel oploopt. Maar wie gladheid veroorzaakt, is strafbaar en aansprakelijk voor de eventuele schade die door de gladheid wordt veroorzaakt.
    Elke gemeente heeft zijn eigen APV. Als u precies wilt weten welke regels er bij u gelden, raadpleeg dan de website van uw gemeente.
     

  • Winterbanden zijn in veel landen verplicht

    Misschien bent u nog niet bezig met winter of all-season banden. Toch is het niet onverstandig om nu al maatregelen te nemen voor niet alleen een veilige winter, maar ook een veilige herfst.

    Zorg dat u op tijd uw winterbanden laat overzetten door uw bandenspecialist. De kans is groot dat u anders een wachttijd hebt van oplopend tot enkele weken. Medio oktober is het advies om te beginnen met winterbanden. Winterbanden! Ook als er geen sneeuw of ijs op de weg ligt.

    Winterbanden zijn in veel landen verplicht. In Nederland zijn winterbanden nog niet verplicht, maar het is adviseerbaar wel winterbanden te gebruiken. Het nut ligt in het feit dat door de zachtere samenstelling van het rubber de banden beter geschikt zijn om bij lagere temperaturen te rijden. In de praktijk betekent dat meer grip, meer comfort en veel veiliger als er sneeuw of ijs ligt. En niet alleen bij sneeuw of ijs hebben winterbanden beter grip, maar ook bij nat wegdek door regen.

    Er zijn veel vragen over het (verplichte) gebruik van winterbanden. Hieronder treft u enkele veelgestelde vragen met de daarbij behorende antwoorden.

    In welke landen zijn winterbanden verplicht en in welke periode?
    Winterbanden zijn verplicht in Italië, Duitsland, Oostenrijk, Finland, Frankrijk, Noorwegen, Zweden en Zwitserland. In grote lijnen geldt de periode van 1 november tot 15 april of als de weersomstandigheden daarom vragen (ijzel, sneeuw etc).

    Ik heb al winterbanden. Heb ik dan nog sneeuwkettingen nodig?
    Ja, als u op kleine (berg-)wegen komt. In veel landen zijn sneeuwkettingen verplicht; dan staat er een verkeersbord met een wiel met sneeuwketting erop. Sneeuwkettingen zijn bedoeld als hulpmiddel om op besneeuwde (berg-)wegen te kunnen rijden, met beperkte snelheid (zie de verpakking) en voor een kort stukje.

    Gelden die buitenlandse regels ook voor Nederlandse auto’s?
    Ja. U riskeert niet alleen een boete (boetes kunnen oplopen van € 40,- tot wel € 5000,- en inbeslagname van de auto), maar het rijden op zomerbanden zal in bepaalde weersomstandigheden het risico op een aanrijding vergroten. Daarom kan het ook leiden tot medeaansprakelijkheid voor een schade.

    Wat is het verschil tussen zomer- en winterbanden?
    De samenstelling van het rubber is anders. Bij temperaturen lager dan ca. 7 graden Celsius zullen winterbanden beter gaan presteren dan zomerbanden omdat bij die laatste categorie het rubber gaat verharden. Het soepel blijven van de winterband resulteert in een betere grip en een comfortabelere band. Een hardere (zomer-)band zal op slecht wegdek eerder het contact met de weg doen verliezen. Met name bij het rijden in de sneeuw is de winterband superieur. Sneeuw is een echte kritieke rijomstandigheid waardoor zelfs het aanpassen van de snelheid bij een zomerband niet meer helpt. Bij het rijden op ijs presteert de winterband ook beter, maar wonderen mag je hier niet verwachten. Let wel op voldoende profiel. Bij een winterband wordt een minimum aangehouden van 4 mm.

    Welke winterbanden moet ik nemen?
    Voor advies welke winterbanden u het beste kunt gebruiken, verwijzen wij u naar de bandenspecialist bij u in de buurt of uw autodealer. Wat ook geldt voor gebruik/aanschaf van All-weather banden.

    Ons advies: gaat u in de wintermaanden naar het buitenland, rijdt dan op winterbanden en zorg er voor dat u in ieder geval sneeuwkettingen bij u hebt. Tevens is het adviseerbaar voldoende ruitensproeiervloeistof, reserve ruitenwissers en koelvloeistof bij u te hebben.

    Kijk op deze site om te zien welke winterbanden er bij uw auto passen.

  • Abonnementen opzeggen

    Sinds 1 december is er een nieuwe wet van kracht (naar de initiatiefnemer de wet Van Dam geheten) voor het opzeggen van abonnementen en energiecontracten. De wet geldt voor nieuw af te sluiten abonnementen; voor bestaande geldt een overgangstermijn van een jaar.

    De wet beoogt de positie van de opzeggende abonnee te versterken. Hoe ziet deze regeling er uit?

    • Voor een abonnement op een blad of tijdschrift dat minstens één keer per maand verschijnt, geldt een opzegtermijn van maximaal een maand; wordt het minder dan één keer per maand geleverd, dan is de opzegtermijn maximaal drie maanden. Bij stilzwijgende, automatische verlenging mag het abonnement maximaal drie maanden verlengd worden.  
    • Voor overige abonnementen en lidmaatschappen (sportschool, telecom en sms, energie, onderhoud cv ketel) is de opzegtermijn maximaal een maand. Hier geldt dat stilzwijgende verlenging is toegestaan, maar dan alleen bij omzetting in een abonnement voor onbepaalde tijd met een maandelijkse opzegmogelijkheid.
    • Hebt u een abonnement voor bepaalde tijd afgesloten, dan moet u de afgesproken periode meestal uitdienen.
    • Een proefabonnement behoeft niet te worden opgezegd. Dit eindigt vanzelf.
    • Voor opzegging van het lidmaatschap van een vereniging geldt het verenigingsrecht. Doorgaans regelen de statuten de opzegging.
    • Als u een energie – of telecom contract eerder opzegt, bent u een vergoeding verschuldigd. Dit kan dus nadelig zijn.   


    Nog twee tips:

    1. Verzoekt u altijd een schriftelijke bevestiging van de opzegging. Anders kunt u tegen een bewijsprobleem aanlopen. 
    2. Algemene voorwaarden (de kleine lettertjes) mogen niet in strijd zijn met de hierboven beschreven wettelijke regels. Deze zijn dwingend.
  • Jaarafrekening energie

    In december valt de energierekening weer op de mat. Doorgaans wordt deze bepaald aan de hand van de opgave meterstanden door de verbruiker. Er wordt dan met de betaalde voorschotten verrekend. Het kan echter voorkomen dat deze volgens de verbruiker te hoog is.

    Het is raadzaam daarover een schriftelijke klacht bij de ondernemer in te dienen. Welke situaties kunnen zich zoal voordoen?

    • de meter functioneert niet goed. Deze moet dan geijkt worden. Als de meter ondeugdelijk is, zijn de kosten voor de ondernemer; anders voor de verbruiker.
    • er kan ook met de meter gefraudeerd zijn, bijvoorbeeld door aftappen. Als dit na de meter is, is dit is in beginsel voor risico van de verbruiker. Het is van belang buitenproportioneel verbruik zo snel mogelijk te melden, zodat er onderzoek kan plaatsvinden.
    • de verbruiker heeft de meterstanden niet doorgegeven. De eindafrekening wordt geschat. Er zal dan eventueel later correctie plaatsvinden.
    • de ondernemer heeft een zorgplicht; eens in de drie jaar moet hij de meterstanden zelf opnemen; als hij dit nalaat, is de verbruiker niet gehouden meerverbruik in de periode voor deze drie jaar te betalen.  
    • een jaarafrekening is in beginsel definitief. Als de ondernemer echter vanwege een fout een herziene nota zendt, verjaart zijn aanspraak twee jaar na de eerste nota. Als het contract voor 14 juli 2004 is gesloten, is deze termijn nog vijf jaar.
    • in geval van overstap meldt de verbruiker de eindstanden. Als er dan toch op grond van een schatting wordt afgerekend, heeft de verbruiker het recht deze via de netbeheerder te laten wijzigen en moeten het oude en nieuwe energiebedrijf de standen van deze overnemen.     


    Een niet opgelost geschil kunt u voorleggen aan de Geschillencommissie Energie en Water te Den Haag. Deze wijst bindend advies. Ook de gang naar de rechter is mogelijk.

  • Werkbaar - en onwerkbaar weer in de wintermaanden: vermijd discussies over ‘na-ijleffecten’?

    De winterperiode staat in de bouwpraktijk bekend als een periode waarin de opdrachtgever en de aannemer een discussie voeren over werkbare dagen en onwerkbare dagen. Het bouwproject (een nieuwbouwwoning, een aanbouw of een opbouw) kan namelijk stil komen te liggen of worden vertraagd als gevolg van een langdurige vorst-, sneeuw- en regenperiode, welke periodes kenmerkend zijn voor de wintertijd. 

    In diverse aanneemovereenkomsten (met name geldt dat voor de standaardovereenkomsten die in de nieuwbouw worden gebruikt) is bouwtermijn bepaald. Wanneer deze wordt overschreden kan de aannemer een (gefixeerde) schadevergoeding verschuldigd zijn. Soms is een gefixeerde schadevergoeding als boete overeengekomen. Als daar sprake van is dan behoeft de opdrachtgever slechts te stellen dat er sprake is van een bouwoverschrijding en dat hij als gevolg daarvan schade heeft geleden.

    Een aannemer zal koste wat kost willen voorkomen dat hij na de oplevering van het overeengekomen werk (te denken van hierbij aan een nieuwbouwwoning, een aanbouw en of een opbouw) wordt geconfronteerd met een (aanzienlijke) boete wegens bouwtermijnoverschrijding. Veel aannemers houden daarom een logboek (een dagboek) bij aangaande de werkbare en onwerkbare dagen. Met name doen zij dat als de opdracht moet worden uitgevoerd in de winterperiode.

    Als de opdrachtgever niet bouwkundig onderlegd is, zal het voor de opdrachtgever niet eenvoudig zijn om vast te stellen dat de bouwtermijn wel of niet daadwerkelijke is overschreden. Zeker zal dat niet eenvoudig zijn, indien er geen duidelijk begindatum of aanvangsmoment is overeengekomen. Dat geldt met name voor opgedragen nieuwbouwwoningen.

    Met name in de wintermaanden ontstaan er tussen de opdrachtgever en de aannemer discussies over het antwoord op de vraag of één of meer van de vijf werkweekdagen wel of niet te bestempelen is als een werkbare of een onwerkbare dag. Die discussie wordt nog bemoeilijkt door de inhoud van de contracten en (als daar sprake van is) de daarop van toepassing verklaarde algemene voorwaarden. Immers in sommige algemene voorwaarden wordt een dag als gehele onwerkbaar gezien indien er minder dan 5 uur op een dag is gewerkt. Andere algemene voorwaarden merken zo’n situatie aan als een halve werkdag.  

    Geen discussie wordt er gevoerd over de algemene door de overheid of CAO erkende, rust- en feestdagen of vakantiedagen. Landelijk erkende feestdagen zijn bijvoorbeeld de kerst-, paas- en pinksterdagen, nieuwjaarsdag, hemelvaart- en Koninginnedag. Afhankelijk van hetgeen in de CAO is geregeld zijn 5 mei en goede vrijdag ook geen werkdagen. Hoewel deze dagen als lokale feestdagen gelden, worden carnavalsdagen in de provincie Limburg aks onwerkbare werkdagen gezien (RvA 22 april 1980, nr. 9256, het betrof hier een aannemingsovereenkomst).

    Ook zal er geen discussie zijn, indien het overeengekomen werk wind en water(regen)dicht is, tenzij het gaat om (bijvoorbeeld) schilderwerkzaamheden.

    Discussie is er in de wintermaanden wel over de lengte van langdurige regen-, vorst- en sneeuwperioden. Veel aannemers beroepen zich er dan op dat de dagen die volgen op deze perioden ook moeten worden aangemerkt als onwerkbare dagen. In de bouwpraktijk spreken de aannemers in dit verband over ‘naijleffecten’. De aannemers bedoelen met de term naijleffecten natte - of besneeuwde grond- en of natte en besneeuwde materiaalsituaties. Zij stellen daarover dat zij verhinderd zijn te werken, zolang de grond of het (al verwerkte of nog te verwerken maar buiten opgeslagen) materiaal niet is opgedroogd.

    Om de discussie over deze door winterse naijleffecten ontstane onwerkbare dagen te kunnen voeren is het van belang dat de opdrachtgever zelf bewijs verzamelt. Dat bewijs kan de opdrachtgever verzamelen door gedurende de bouw zelf een logboek c.q. een dagboek bij te houden van de hoeveelheid werkbare en onwerkbare dagen. 

    Naast het bij houden van een eigen logboek kan als informatiebron worden gebruikt de rapporten van de weerstations van het KNMI, MeteoConsult of andersoortige maandregistraties per regio.

    Kortom: het bijhouden van bouwdagen is in de wintermaanden geen onzinnige bezigheid.

  • Eindejaarsgesprekken met je baas

    In veel bedrijven worden regelmatig beoordelingsgesprekken gevoerd. Meestal één keer per jaar en dan in de periode november-december. Behaalde targets en prestatieafspraken komen aan de orde. Via de ‘competenties’ van de medewerker, de output, wordt gemeten hoe het klantcontact en de onderlinge samenwerking is verlopen. Leidt dit tot een loonsverhoging of misschien zelfs een bonus? Het zal u niet onbekend in de oren klinken. 

    Vaak verloopt dit soepel en zijn werkgever en werknemer het eens over de inhoud en gevolgen van het beoordelingsgesprek. Maar wat te doen als dit niet het geval is? Of als er een negatieve beoordeling is gegeven? Wat als dat ene incident van een heel jaar breed wordt uitgemeten? Wordt er misschien zelfs aan ‘dossieropbouw’ gedaan om binnenkort een ontslag te forceren?

    Er bestaat geen wettelijke regeling voor beoordelingsgesprekken. Vaak is er wel een regeling in de CAO of het personeelshandboek. Daarin staan dan duidelijke criteria voor beoordeling, zoals wat er wordt beoordeeld en waarop dat is gebaseerd. De werknemer kan bijvoorbeeld bezwaar maken of een tweede beoordeling vragen. Ook als zo’n regeling er niet is, kan dit aan de orde komen.

    In veel zaken die SRK behandelt blijkt dat werknemers niet hebben gereageerd op een negatieve of onjuiste beoordeling. Of er is wel mondeling bezwaar gemaakt, maar niet schriftelijk of per e-mail. Later kan dit nadelig uitpakken als het bijvoorbeeld gaat om het verweer in een ontslagprocedure.

    Heeft u zo’n ongunstige beoordeling gekregen of een (dreigend) geschil hierover?

    Neem dan contact op met het Juridisch Servicecentrum van SRK Rechtsbijstand. Omdat een ongunstige beoordeling vergaande gevolgen voor uw dienstverband kan hebben, is het verstandig snel SRK in te schakelen voor advies en bijstand. De arbeidsjuristen van SRK zullen u met raad en daad bijstaan en in overleg met u bepalen wat de juiste aanpak is.

  • Bedrijfsfeesten: een vrolijk einde?

    Aan het einde van het jaar wordt er naar uitgekeken: bedrijfsuitjes en eindejaarsfestiviteiten. Naast de traditionele sinterklaas- of  kerstvieringen op het werk, is het ook in minder goede tijden vaak het moment van het bedrijfsfeest of –uitje met lasergamen of karten, een buffet, muziek, enveloppen die worden uitgedeeld etc. 

    Meestal zijn die feesten wat ze behoren te zijn: een gezellige dag of avond, waarna iedereen met een goed gevoel naar huis gaat. Maar soms gaat het mis en loopt het uit de hand, tot compleet afgebrande partycentra aan toe… Dan haalt een feest zelfs de rechter. Nogal wat rechtspraak gaat over de aansprakelijkheid van de werkgever voor schade die de werknemer heeft opgelopen. Hoewel er geen ‘hard and fast rule’ bestaat, is in de eerste plaats bepalend dat het functioneel verband tussen werkgever en werknemer overeind blijft, ook als zo’n feest buiten werktijd plaatsvindt. 

    Maar het kan ook omgekeerd. Er zijn situaties waarin de werknemer ‘aansprakelijk’ is. Bij SRK zijn zaken bekend als ontslag op staande voet na wangedrag, degradatie na ruzie met de directeur over een lege eindejaarsenvelop en zelfs aangiftes die worden gedaan. Ook is het raadzaam voorzichtig om te gaan met bijvoorbeeld foto’s die u plaatst op facebook of tweets over wat er op het feest gaande was.

    Hoewel dat gelukkig niet aan de orde van de dag is, kan het richting december zeker geen kwaad om als werknemer (ook) daar even stil bij te staan. Uiteraard kunt u altijd met SRK Rechtsbijstand contact opnemen voor raad en daad en springt SRK in waar nodig en mogelijk, maar in dit soort situaties is voorkomen toch echt beter dan genezen.

  • Wanneer verzekeren?

    Het Verbond van Verzekeraars heeft op haar site ook een en ander vermeld over de winter. Natuurlijk niet met de gedachte dat verzekeren onheil voorkomt, maar wel de schade als gevolg van onheil beperkt. Maar schadebeperkende maatregelen zijn zelf ook goed te nemen. Klik hier voor de site van het Verbond.
     
    http://www.allesoververzekeren.nl/wanneer-verzekeren/winter