Het AOW-gat in het onderwijs

Met de invoering van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) vonden er in het arbeidsrecht aanpassingen plaats die op allerlei manieren doorwerken in de relatie werknemer-werkgever. Ook voor een groot deel van de werknemers in het onderwijs leidde dit tot aanpassingen in de relatie tussen leerkrachten en ondersteunend personeel enerzijds en onderwijsinstellingen anderzijds. In diverse collectieve regelingen (cao primair onderwijs, voorgezet onderwijs, middelbaar- en hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs) zijn de nieuwe regels van WWZ inmiddels toegepast.

WW-gerelateerde voorzieningen in het onderwijs

In het onderwijs worden regelmatig afspraken gemaakt voor situaties waarin de arbeidsrelatie met een medewerker voortijdig wordt beëindigd. Dit betreffen meestal afspraken waarbij de medewerker ook langjarige toezeggingen krijgt dat zijn inkomsten tot zekere hoogte zijn gegarandeerd tot het moment dat hij pensioen en zijn eerste AOW-uitkering ontvangt. Doorgaans was dit in de maand waarop de medewerker 65 werd. 
Door de invloed van vakbonden en werkgeversorganisaties bestaat de mogelijkheid om dergelijke afspraken in collectieve regelingen, zoals een cao op te nemen. Als de werknemer aan de voorwaarden voldoet, kan hij boven op een WW-uitkering nog een aanvullende uitkering ontvangen. Afhankelijk van de duur waarop de werknemer werkzaam is geweest in het onderwijs en zijn leeftijd, kan hij ook nog aanspraak maken op een loongerelateerde uitkering nádat het recht op WW is verstreken. Het komt voor dat werknemers, voordat ze 65 jaar worden, zelfs langer dan 10 jaar gebruik kunnen maken van dergelijke regelingen.

AOW-gat

Om de AOW betaalbaar te houden heeft de overheid besloten dat de AOW-leeftijd stapsgewijs wordt verhoogd. Vanaf 2021 is de AOW-leeftijd in ieder geval 67 jaar. Op het moment dat de AOW-gerechtigde leeftijd wordt bereikt heeft men recht op een AOW-uitkering. 
Hoe moet er nu worden omgegaan met de afspraken die tussen werkgever en werknemers zijn gemaakt om vervroegd te stoppen met werken? Immers, deze afspraken lopen doorgaans tot het moment dat de voormalige werknemer 65 jaar wordt. Dat een werknemer daarna gedurende een periode van twee jaar mogelijk geen AOW-inkomsten ontvangt, daar kon op het moment van het maken van de afspraken met de werkgever nog geen rekening mee worden gehouden. Hierdoor ontstaat er een AOW-gat.

Geen reparatie AOW-gat

Bij andere arbeidsintensieve beroepen (bijvoorbeeld militairen en brandweerlieden) waarbij regelingen bestaan om vervroegd met pensioen te gaan, vindt geen reparatie van het AOW-gat plaats. In specifieke gevallen is hier inmiddels wel over geprocedeerd, maar deze uitspraken bieden in het algemeen nog geen duidelijkheid. In de rechtspraak is voor verschillende situaties  nog geen passende oplossing gevonden. Voorlopig moet elke zaak afzonderlijk worden beoordeeld of een AOW-gat ongewijzigd blijft of dat de overheid dit gat moet dichten.

Spaarpot en eigen pensioen

Op enkele uitzonderlijke en schrijnende gevallen na, vindt er wel een reparatie van het AOW-gat plaats. Deze regeling is gelijktijdig ingevoerd met de verhoging van de AOW-leeftijd. Het aantal mensen dat hiervan gebruik kan maken is echter zeer beperkt. Van overheidswege wordt er tot nu toe van uitgegaan dat werknemers dit gat zelf kunnen dichten door hiervoor hun eigen spaarpot te gebruiken of een pensioenvoorziening eerder uit te laten betalen. Dit laatste betekent dat de hoogte van het ouderdomspensioen behoorlijk lager uitvalt. 

Al met al tekent zich op deze wijze een gitzwart scenario af waar bij het maken van de afspraken,   tussen een werkgever en een werknemer die voortijdig afscheid neemt, geen rekening met het AOW-gat is gehouden. 

Reparatie

Door de invoering van de WWZ traden de vakbonden en werkgeversorganisaties met elkaar in onderhandeling over nieuwe cao’s. Inmiddels heeft dit geresulteerd in nieuwe cao-akkoorden. In deze nieuwe cao’s zijn ook afspraken gemaakt over de gevolgen van het verhogen van de AOW-leeftijd.  
Het goede nieuws is dat in de nieuwe cao’s voor het primair--, voortgezet- en middelbaar beroepsonderwijs regelingen zijn opgenomen om het AOW-gat grotendeels te dichten. Voor het personeel in het hoger beroepsonderwijs en de Nederlandse universiteiten is dit nog niet helemaal duidelijk. Voor deze sectoren is het overgangsrecht niet in de cao geregeld, maar in aanpalende regelingen. Op dit moment zijn deze aanpalende regelingen nog niet bekend. 

Informatie

Om meer duidelijkheid te krijgen wat dit voor u inhoudt, indien u al een vertrekregeling met uw werkgever heeft getroffen, kunt u gerust contact met ons opnemen. In de praktijk blijkt dat bepaalde vertrekregelingen in diverse onderwijs-cao’s nauwelijks van toepassing zijn op de huidige situatie. Heeft u hier vragen over? Neemt u dan ook contact met ons op.


Meer informatie over een WW-uitkering

Share:

Meer nieuws van SRK

Share:

Voor alle juridische hulp