Ziekte geen gevolgen voor hoogte WW-uitkering

Op 19 juli 2017 oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat indien een werknemer ziek is geweest en van zijn werkgever het loon niet volledig doorbetaald kreeg, niet mag leiden tot een lagere WW-uitkering.

WW-uitkering

De hoogte van de WW-uitkering wordt bepaald aan de hand van het dagloon. Voor het berekenen van het dagloon wordt gekeken naar het sociale verzekeringsloon. Het sociale verzekeringsloon is het totale loon waarover belastingen en sociale premies worden betaald. Het UWV berekent het gemiddelde sociale verzekeringsloon van de periode van 12 maanden voordat een werknemer werkloos wordt. Dit bedrag wordt gedeeld door 261; het gemiddelde aantal uitkeringsdagen in 1 jaar. De uitkomst is het dagloon. Het dagloon kan nooit hoger zijn dan het wettelijk maximumdagloon. Op 1 juli 2017 was het maximumdagloon € 207,60. De eerste 2 maanden ontvangt de werknemer 75% van het dagloon. Daarna ontvangt hij 70% van het dagloon.

Minder uitkering dan 70% van dagloon?

Indien de werknemer ziek was in het jaar waarover het WW-dagloon wordt berekend, kon het zo zijn dat het dagloon moest worden berekend over een jaar waarin de werknemer minder uitbetaald kreeg dan 100% van het loon. Een werkgever heeft tijdens ziekte van zijn werknemer niet altijd de plicht om 100% van het loon door te betalen. In een situatie waarin de werknemer het tweede ziektejaar in gaat, wordt het loon in de meeste gevallen maar voor 70% doorbetaald. Door van dat loon uit te gaan bij de berekening van het WW-dagloon, werd de WW-uitkering in feite 70%. Dit is een stuk lager dan 100% van 70% loon; het kon zelfs in de buurt van de 70% van 70% komen als de werknemer bijna de volledige 104 weken ziek was. 

Reparatiewetgeving

Sinds 1 januari 2017 werd het Dagloonbesluit voor werknemers, die door ziekte een lager WW-dagloon kregen, deels gerepareerd. De reparatiewetgeving was alleen van toepassing op werknemers die 104 weken ziek waren. Deze reparatiewetgeving hield geen rekening met werknemers die korter dan 104 weken ziek waren en na herstel in aanmerking kwamen voor een WW-uitkering.

Uitspraak

transitievergoedingRecent oordeelde de Centrale Raad van Beroep over de kwestie van werknemers die korter dan 104 weken ziek waren en het vaststellen van de hoogte van het WW-dagloon. De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het bestuursrecht, waar onder andere besluiten van UWV en gemeentelijke instanties onder vallen.  

De Centrale Raad van Beroep meent dat bij de wijziging van de dagloonregels niet goed is onderzocht wat de relevante feiten en belangen zijn van zieke werknemers. De financiële gevolgen van de wijziging voor zieke werknemers kunnen ingrijpend zijn. Voor sommige werknemers betekent het dat zij terugvallen op een inkomen van ongeveer de helft van het loon dat zij ontvingen voordat zij ziek werden. Voor werklozen, die voordat zij werkloos werden arbeidsongeschikt zijn geweest, bieden de nieuwe regels onvoldoende inkomensbescherming. 

De Centrale Raad van Beroep oordeelt dan ook dat de besluiten die op deze regels gebaseerd zijn geen stand houden. Het UWV moet voor de berekening van het WW-dagloon rekening houden met het loon van de werknemer voordat hij ziek werd. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV ook voor de werknemers, die dus niet 104 weken ziek zijn geweest en voor wie deze regeling niet is bedoeld, een oplossing moet bieden. Het UWV moet dus ook in die gevallen de dagloonregels van 1 januari 2017 toepassen. Dit betekent dat de WW-uitkering gewoon weer 70% van 100% loon wordt. 

Bent u van mening dat u recht heeft op een hogere uitkering omdat u ziek bent geweest? Neem dan gerust contact met ons op. Wij hebben specialisten op het vlak van sociaal verzekeringsrecht in huis en bekijken samen met u wat de mogelijkheden in uw situatie zijn. 
Klik hier voor de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.

Share:

Share:

Voor alle juridische hulp